Inkomen & uitkering (APPA)

Als je stopt als wethouder, gedeputeerde of waterschapsbestuurder, heb je recht op een ontslaguitkering op grond van de Algemene pensioenwet politieke ambtsdragers (APPA). Dit geldt ongeacht de reden van vertrek.

Hoogte van de uitkering

Het eerste jaar ontvang je 80% van je salaris, daarna 70%. Onkostenvergoedingen tellen niet mee.

Duur van de uitkering

De hoofdregel: je ontvangt de uitkering even lang als je bestuurder was, met een maximum van 3 jaar en 2 maanden. Er zijn uitzonderingen, bijvoorbeeld als je kort in functie was of dicht tegen je pensioen zit. Zoek hier op welke situatie voor jou geldt.

Bijverdienen en verrekening

Je mag bijverdienen tot het niveau van je vroegere salaris. Verdien je meer, dan wordt het meerdere verrekend met je uitkering. g-appa/rekenvoorbeelden-uitkering/Bekijk de rekenvoorbeelden. Verdien je via een eigen bedrijf? Dan gelden andere regels.

Sollicitatieplicht

Drie maanden na je vertrek geldt een sollicitatieplicht. Vanaf dat moment ben je verplicht actief te solliciteren en een re-integratiebureau in te schakelen. Je mag dit bureau zelf kiezen. Je kunt al eerder starten als duidelijk is dat je niet terugkeert in het ambt.

Terugkeerregeling

Had je politiek verlof bij een vorige werkgever, dan ben je na je aftreden verplicht terug te keren. Je oude dienstverband herleeft en je salaris wordt verrekend met de APPA-uitkering. Zie je vrijwillig af van je terugkeerrecht, dan wordt dat beschouwd als het prijsgeven van inkomen en gekort op je uitkering. Dat is sterk af te raden. Heb je vragen over jouw situatie? Neem contact op via vraagbaak@wethoudersvereniging.nl.

Pensioen

Tijdens je bestuursperiode bouw je pensioen op. Die opbouw loopt door zolang je een APPA-uitkering ontvangt, op basis van de uitkering na verrekening. Over bijverdiensten moet je zelf pensioen opbouwen als je dat wilt.